25 juli 2020

Mondkapjesblues


Beste kabinet,

Er zijn heel veel ouderen die zich de afgelopen maanden zeer gedisciplineerd hebben gedragen om besmetting met het coronavirus te voorkomen. Dat was verstandig, want zij behoren tot de risicogroep.

Dat brengt als groot voordeel met zich mee dat zij van zichzelf weten dat ze virusvrij zijn. Dat is honderd procent zeker. Het is daardoor uitgesloten dat deze mensen iemand anders zouden kunnen besmetten. Het dragen van een mondkapje door hen, om te voorkomen dat anderen besmet raken, is dus onzinnig, want de kans daarop is al nihil.

Ja maar, hoor ik u zeggen, ze zouden door anderen besmet kunnen worden, en om zich daartegen te beschermen moet ze toch een mondkapje dragen.

Are you kidding? Mensen die zich maandenlang voorbeeldig terughoudend hebben gedragen, zouden vanaf nu roekeloos gedrag gaan vertonen en zich naar drukke locaties begeven, wetend hoe riskant dat voor hen is?

Burgers die zich keurig gedragen hebben, hebben niet alsnog een verplichting van de overheid nodig om voor hun eigen veiligheid te zorgen. Er bestaat ook nog zoiets als eigen verantwoordelijkheid en ze hebben er blijk van gegeven daar heel goed mee om te kunnen gaan.

Wees daarom rationeel, en bezwijk niet voor de onwetenschappelijke propaganda om mondkapjes verplicht te stellen. Wijs ouderen er nog eens op hoe belangrijk het is om jongeren voorlopig te mijden. 

En laat die laatste groep fijn vakantie vieren, na ze nog een keer op het hart gedrukt te hebben dat ze met een grote boog om zestigplussers heen moeten lopen, in het belang van de gezondheid van die ouderen.

Oudere Nederlanders rekenen op jullie gezond verstand!

Chris

9 juli 2020

De huidige activistische opstand lijkt vooral negativiteit in mensen naar boven te halen




Anders dan Martin Sommer in de Volkskrant van zaterdag 4 juli meent, is de culturele revolutie van nu niet te vergelijken met die van vijftig jaar geleden. De tijdgeest was in de jaren zestig en zeventig vervuld van positivisme en optimisme. De dominante beleving was er een van hoop op en verwachting van een betere toekomst.

Bij de huidige poging tot omwenteling is haat voelbaar, de verontwaardiging giert rond op de sociale media. Confrontatie is wat men wil, het conflictmodel wordt nadrukkelijk aangehangen. Er valt een bereidheid te bespeuren om psychologisch geweld te gebruiken tegen medeburgers.

De jaren zestig stonden in het teken van de bewonderenswaardige verdraagzaamheid van de hippies. Hoe groot is het contrast met de verbale agressie die je nu dagelijks om de oren vliegt als je er per ongeluk tegenaan loopt. De intolerantie van modieus links, gepaard aan het intellectuele onvermogen om een discussie op feiten te voeren en zo de dialoog aan te gaan, doet je de schrik om het hart slaan als je het progressieve Nederland van een halve eeuw geleden nog op het netvlies hebt staan.

De huidige activistische opstand lijkt vooral negativiteit in mensen naar boven te halen. De verongelijktheid, boosheid en onverdraagzaamheid van nu steken schril af bij de blijheid van de bloemenkinderen toen.

Ruziemakende landgenoten

Het vreedzame en harmonieuze Nederland van de jaren zeventig is veranderd in een kluwen ruziemakende landgenoten die de leefbaarheid danig onder druk zetten. Uiterst links en uiterst rechts laten beide hartstochtelijk van zich horen en lijken er enkel nog op uit om politieke winst te boeken en niet meer bereid de democratische rechtsorde als hoogste goed in ere te houden.

Terwijl Forum voor Democratie de antisemitische kruistochten verheerlijkt, kiest links voor regentesk regeringsbeleid met een minimum aan invloed voor zowel kiezers als Kamerleden, waarbij de schouders worden opgehaald over een motie van afkeuring van senatoren. Redelijkheid, kiezen voor het debat, waarheidsvinding: nobel gedrag uit een lang vervlogen tijd waarvoor geen ruimte en geen passie meer lijkt te bestaan.

Dan nog de misvatting van Sommer dat het bij de antiracismebeweging om gelijkberechtiging zou gaan. Niets is minder waar. Het gevaarlijke, want polariserende rassenthema onderstreept het hiërarchische denken van activistisch links. Suggesties dat zwart goed en blank slecht zou zijn, worden niet afgekeurd: blank mag wel worden gediscrimineerd, zwart niet. Bij positieve discriminatie gaat het per definitie om ongelijkheid. Dat vond zelfs het College voor de Rechten van de Mens te ver gaan en het riep een universiteit tot de orde die de mensenrechten al te voortvarend geschonden had.

Conservatief maatschappijbeeld

Tragisch is dat zwarte mensen enkel worden misbruikt voor een links politiek doel, want zodra ze er een conservatief maatschappijbeeld op na houden, worden ze door de revolutionairen niet meer gepruimd.

Bovendien is er nog iets anders, dat links vroeger bezighield en waar het zich nu nauwelijks meer om bekommert. Zwarte mensen in Nederland kennen dikwijls veel grotere problemen dan racisme: er heerst op grote schaal armoede onder minderheden en de woningnood is voor hen tot ondraaglijke hoogte gestegen.

Als de congresgangers van de PvdA in de jaren zeventig een blik in onze tijd hadden kunnen werpen, zouden ze verbijsterd zijn geweest. Op bijna elk voor sociaal-democraten relevant terrein is de samenleving achteruit gekacheld. Progressieven waren in die tijd bovendien geen activisten maar vormden een brede volksbeweging met meer dan vijftig Kamerzetels voor de sociaal-democraten.

Na het kabinet-Den Uyl was er vrijwel geen armoede meer in ons land. Mensen die waren aangewezen op een bijstandsuitkering konden daarvan rondkomen en voedselbanken waren niet nodig. De naoorlogse woningnood was opgelost: woningcorporaties adverteerden in de krant met hun nieuwbouwwoningen waarvoor geen wachtlijsten bestonden.

Hoe anders is dat veertig jaar later: links heeft zich gearrangeerd met het neoliberalisme. De sociaaleconomische agenda is grotendeels afgevoerd en economen zijn er nauwelijks meer te vinden in hun Kamerfracties.

Links is voluit op de culturele toer gegaan en heeft haar verantwoordelijkheid voor de behartiging van materiële belangen van armen laten varen. Immigratie, klimaatalarmisme, identiteitspolitiek en een machtige Europese Unie, het is allemaal belangrijker dan het zorgen voor fatsoenlijke inkomens en huisvesting aan de grotendeels zwarte onderkant van de samenleving.


Dit artikel verscheen op 9 juli 2020 in de Volkskrant.


30 juni 2020

De situatie op rechts



De meest spectaculaire ontwikkeling in de Nederlandse politiek in het afgelopen decennium is het verdwijnen van de conservatieve geluiden uit VVD en CDA. De pragmatische no-nonsense-generatie van weleer van de daadkrachtige premier Lubbers (CDA) en zijn vicepremier Van Aardenne (VVD) is gaandeweg vervangen door de grotendeels onzichtbare en onkritische lichting die de Kamerfracties van beide partijen op dit moment bevolkt.

Voor hen zijn het niet langer de liberale beginselen (vrijheid) of die van de verschrompelende christendemocratie (broederschap) die de leidraad vormen voor hun handelen, maar de mode van de dag zoals die bepaald wordt door belangengroepen, ngo's, internationale organisaties zoals EU en VN, planbureaus en media.

Hoeveel VVD'ers en CDA'ers zagen vijf jaar geleden de energietransitie aankomen? Opeens zijn ze er allemaal voorstander van. Van een nationaal debat is nauwelijks sprake geweest bij het overnemen van deze internationale agenda, die wezensvreemd is voor ons voorheen polderende land.


De positie van Mark Rutte is ondertussen ijzersterk, er is geen uitdager in zicht. Klaas Dijkhoff valt de laatste tijd vooral op door een gebrek een profileringsdrang, nadat geen van zijn proefballonnetjes van de afgelopen jaren heel is gebleven en hij geen kroonprins meer is. Voor wat rechtse tegendruk kan hij niet zorgen.

De fractieleider van de VVD weet dat er de komende kabinetsperiode waarschijnlijk niet veel meer voor hem in het vat zit in de Kamer dan een rol op het tweede plan. Een vicepremierschap behoort niet tot de mogelijkheden, dus mocht hij weer minister worden, dan maakt hij geen deel uit van de top van het kabinet.

De linkse koers van Mark – op bijna elk dossier behalve het sociaaleconomische – kent geen interne oppositie van betekenis. En zijn strategie is bijna altijd dezelfde: de premier houdt zich eerst op de vlakte om te zien welke kant de meute op wil, en gaat dan enthousiast vooroplopen. Conflictmijding is zijn handelsmerk: geen uitgesproken standpunt innemen zolang het stof nog niet neergedaald is.

De meeste premiers zijn na tien jaar regeren wel opgebrand en stranden door hun eigen overmoed of omdat de kiezers wel eens een ander gezicht willen zien. Rutte lijkt, met geruststellende peilingen voor zijn partij en een hoge approval rating voor hem persoonlijk, moeiteloos voor de vierde keer een kabinet te kunnen gaan leiden.

Ook al heeft wishful thinking bij een enkele columnist nog de overhand, Nederland lust wel pap van zijn minister-president-zonder-visie.




Om gek van te worden, voor Thierry Baudet. Zijn strategie om rechtse kiezers van VVD en CDA over te hevelen naar zijn eigen partij en met het restant ervan te gaan samenwerken, is tegen de verwachting van journalisten in als een kaartenhuis in elkaar gezakt: meer dan de helft van de virtuele kiezers is alweer vertrokken.

De koersverandering aan de top van die twee gevestigde partijen blijkt namelijk heel goed te corresponderen met de wensen op lokaal niveau. Behoudende leden roeren zich nauwelijks nog. De verlinksing van Oud Rechts blijkt meer bottom-up dan top-down te zijn en ook de werkgevers zijn een stuk naar links opgeschoven.

Als gevolg daarvan hebben zich binnen VVD en CDA geen conservatieve kandidaten gemeld om de leiderspositie op te eisen en van een interne politieke richtingenstrijd is geen sprake na het echec van de samenwerking met de PVV, die traumatisch geweest is voor het CDA.

PVV en Forum voor Democratie hebben vrijwel alle rechtse kiezers al binnen: hooguit een vijfde van het electoraat. De stunts die Baudet de afgelopen drie jaar heeft uitgehaald, hebben daar niets aan veranderd.

Inhoudelijk is samenwerking van PVV, FvD, VVD en CDA moeilijk voorstelbaar, zo die combinatie een meerderheid zou behalen. De Nieuwrechtse partijen zijn het op bijna alle hoofddossiers oneens met de twee 'kartelpartijen'. En het doen van grote concessies door de eerste twee is niet goed denkbaar zonder de nodige electorale schade.



Nederland heeft een harde rechtse kern die buitenspel staat en geen perspectief heeft op deelname aan de macht. Rechts maakt een linkse aardverschuiving mee waardoor het weerloos meegesleurd wordt. Het kan niets ondernemen tegen het weggespoeld worden van het Nederland zoals we dat kenden, want het krijgt geen poot aan de grond op het Binnenhof.

Zoals VVD en CDA met het verstand op nul kiezen voor een linkse koers, zo heeft Nieuw Rechts zichzelf vastgeklonken aan een isolationistisch traject. Rechts heeft bij ons geen kans op een meerderheid maar droomt daar nog wel van en op Twitter koestert het ene vlaggetje of klassieke gebouwtje na het andere tractortje of uiltje illusies over het veroveren van de macht.

De term 'zwijgende meerderheid', die daarbij geregeld valt, is net zoals Black Lives Matter overgewaaid uit Amerika. In beide gevallen slaat men de plank mis als men die slogans op Nederland toepast en is er slechts sprake van Amerikaatje spelen.


In de VS kent men wel een zwijgende meerderheid: de meeste Amerikanen steunen bijvoorbeeld het beleid van president Trump als het om law & order gaat, maar bij ons bestaat zij niet. Om maar wat te noemen:

  • slechts 39% wilde dat Halsema aftrad
  • 71% maakt zich zorgen over het klimaat 
  • twee derde van de kiezers ziet stikstof als een probleem
  • een petitie voor Jan Pieterszoon Coen staat te verpieteren
  • het rechtse geluid van Teeuwen trok nog geen 400.000 kijkers op de NPO
  • de tegenstanders van Rutte zijn niet in staat om een mensenmassa op de been te brengen, die van Van Agt, Lubbers, Kok en Balkenende slaagden daar wel in

Rechts is politiek impotent in Nederland: het heeft geen invloed en het heeft niet doordacht hoe het die kan verkrijgen. De veelal constructieve ideeën van Nieuw Rechts (referendum, migratie, klimaat, EU, NPO) verdienen een betere strategie. Dat zou rationele en veranderingsgezinde conservatieve mensen aan moeten zetten tot een koerswijziging, maar dat zien we niet gebeuren.




Rechts heeft zich afgesplitst en weg laten spelen in de West-Europese samenlevingen: modieus links bepaalt de agenda, van klimaat en biodiversiteit tot racisme en migratie. Rutte kan niets anders doen dan GroenLinks volgen, wil hij zijn machtspositie behouden.

De VVD, ooit opgericht door conservatieve liberalen, doet op bijna elk terrein het tegendeel van wat haar tien jaar geleden nog voor ogen stond. En het cordon sanitaire doet de rest: een machtig politiek wapen waarop nog geen antwoord is gevonden.

Conservatieven hebben VVD en CDA verlaten, terwijl Ontevreden Rechts juist meer kans maakt om veranderingen te bewerkstelligen door in die twee partijen actief te zijn dan door – omwille van het clubgevoel – lid te worden van Forum voor Democratie. Daarin is men, ondanks de massaliteit, geheel ongevaarlijk voor de gevestigde orde.

Bovendien is Forum voor Democratie in wezen een revolutionaire partij en is de Nederlandse volksaard antirevolutionair, zoals de socialist Troelstra tot zijn afgrijzen moest ontdekken, toen hij het 'vermolmde en verrotte' partijkartel van een eeuw geleden omver wilde trekken.

23 maart 2020

U heeft het in Nieuwsuur niet meegekregen, terwijl dit een ramp is van het kaliber beurskrach 1929

In de media is de aandacht bijna exclusief gericht op de medische gevolgen van het coronavirus. Hoe begrijpelijk dat ook is, daar kan het niet bij blijven als men een zorgvuldige besluitvorming wil nastreven in deze crisis. De grote dreiging voor Nederland is namelijk niet alleen dat er ten minste 40.000 mensen doodgaan, zoals sommige modellen voorspellen, het gevaar is ook dat de economie in elkaar klapt. Dat levert nog veel meer (zij het niet-dodelijke) slachtoffers op door inkomensverlies en werkeloosheid.

Dat klinkt heel cru, maar het is nodig om meer dan oppervlakkig te kijken naar de economische gevolgen van de bestrijding van de pandemie.

Werkgeversvoorzitter Hans de Boer zag de economische groei drie weken geleden nog met enkele tienden van een procentpunt afnemen. De huiseconoom van Nieuwsuur hield het er deze week op dat we met een economische krimp van 3% geconfronteerd kunnen gaan worden.

We zijn compleet overvallen en moeten de ramingen rap bijstellen. Als het tegenzit kan de schade een veelvoud bedragen van de inschatting van de tv-econoom als we niet alleen in de nu al onvermijdelijke recessie belanden maar zelfs een jarenlange depressie mee gaan maken.

Bij alle focus op de zorgsector blijft het bloedbad op de beurzen onderbelicht. Gerenommeerde ondernemingen hebben in een paar weken tijd meer dan de helft van hun beurswaarde verloren en de financiële markten lopen meestal vooruit op economische malaise.

Aandelen ABN-AMRO zijn nog maar een kwart waard van wat beleggers er twee jaar geleden voor wilden betalen. Trouwe dividendbeleggers in Koninklijke Olie – het tegenwoordig Royal Dutch Shell geheten vlaggenschip op het Damrak – weten niet wat hen overkomt als gevolg van de kelderende olieprijs.

De investering van minister Hoekstra ruim een jaar geleden in Air France-KLM – die ook nog eens onrechtmatig schijnt te zijn geweest en nu door de Algemene Rekenkamer onderzocht wordt – is voor een groot deel verdampt. U heeft het in Nieuwsuur allemaal niet meegekregen, terwijl dit een ramp is van het kaliber beurskrach 1929.

We moeten het er wel over gaan hebben. Want er is een afweging nodig tussen het aantal mensen dat zijn leven verliest (en het effect daarvan op de nabestaanden) en het aantal mensen dat zijn huidige bron van inkomsten kwijtraakt (en de hoeveelheid koopkrachtverlies die zij en anderen daarvan gaan ondervinden).

Een voortijdig overlijden van tienduizenden Nederlanders zou de grootste tragedie zijn sinds de Tweede Wereldoorlog, maar wel een die we als samenleving kunnen incasseren. Voor zo’n één miljoen mensen zal een dergelijk verlies grote persoonlijke gevolgen hebben, maar voor de overige 17 miljoen niet of nauwelijks. Dat laatste heeft grote consequenties voor de snelheid waarmee de maatschappij zich straks weer kan herstellen.

Aangezien de kwetsbaarheid van ouderen voor het coronavirus tientallen keren groter is dan die van jongeren, zal massale sterfte voor meer dan 90% ervan 60-plussers betreffen die merendeels niet economisch actief zijn. De productiviteit van de economie zal slechts in geringe mate teruglopen doordat de workforce nauwelijks wordt aangetast. Het menselijke drama zou niet leiden tot economische rampspoed.

Als men echter – zoals zowel Democraten in Amerika als Wilders en Baudet in Nederland willen (les extrêmes se touchent) –  voor een totale lockdown zou gaan, loopt de economie forse klappen op. Grote bedrijven proberen dan overeind te blijven door werknemers in groten getale af te laten vloeien en kleine bedrijven gaan massaal over de kop want die kunnen niet lang overleven als er maandenlang vrijwel geen inkomsten meer zijn.

De economie staat niet stil – de supermarkten verkopen meer dan ooit en de fabrieken van Unilever draaien op volle toeren –  maar kan wel fors afgeremd worden als er te weinig bedrijvigheid overblijft om het huidige nationaal inkomen bij elkaar te verdienen doordat werknemers de deur niet meer uit mogen. Als het om economische groeit gaat is elke sector van vitaal belang.

Welk onderstaand rijtje wil men het liefst?

De getallen zijn een educated guess en dienen enkel om de gedachten te bepalen. Ze zullen hopelijk te somber blijken te zijn, maar geven wel de richting aan van de gevolgen van het beleid om de virusbesmetting in te dammen. We zullen moeten wachten op de cijfers van het Centraal Planbureau om een preciezer beeld te krijgen van de economische gevolgen van de coronacrisis.

Scenario A komt qua dodental overeen met de griepgolf van twee jaar geleden. Daar maakten weinigen zich toen druk om – het aantal ouderen dat een griepprik haalt was al fors gedaald sinds 2005 – en de media liepen er niet mee te koop. Het was allemaal al achter de rug toen het hoge cijfer bekend werd.

Als de enorme betrokkenheid van dit moment – het publiek wordt elke dag over het dodental geïnformeerd – zou leiden tot een poging van het kabinet om onder de 10.000 doden te blijven, zou dat grote economische offers vergen die in 2018 niet nodig waren. Wanneer de samenleving een uiterste inspanning levert om het aantal dodelijke slachtoffers van het coronavirus zo klein mogelijk te houden, kan dat niet zonder grote schade voor de economie.

Omgekeerd zal een poging om de BV Nederland zo goed mogelijk overeind te houden (scenario B) een extra verlies aan mensenlevens met zich meebrengen: hoe meer collega’s elkaar op de werkvloer tegenkomen, hoe meer besmettingen en sterfte dat zal opleveren.

Nieuw Rechts, dat graag opkomt voor boeren, kwekers en MKB, keert zich tegen de belangen van deze sectoren met de roep om een ‘ophokplicht’ voor de hele bevolking, waarvan geen viroloog je met zekerheid kan vertellen hoe lang die volgehouden moet worden voordat er voldoende gevaccineerde Nederlanders zijn om het sein brandmeester te kunnen geven.





Dit artikel verscheen op 23 maart 2020 op ThePostOnline.

12 januari 2020

Baudet is nog niet bereid VVD/CDA los te laten en te opteren voor anti-establishment-coalitie

De Nederlandse politiek zit muurvast, de getalsverhouding tussen links en rechts is nog steeds dezelfde als twee jaar geleden. Ondanks dramatische ontwikkelingen als klimaatbeleid, toenemende immigratie en radicalisering van de EU verroert de kiezer zich nauwelijks. Ook demonstrerende boeren, leraren en verpleegkundigen veranderen daar niets aan. Enkel bínnen de twee politieke blokken vinden er verschuivingen plaats: tussen PVV en FvD op rechts en tussen PvdA, D66 en GroenLinks op links.

Er is politieke vernieuwing vereist om de zaak in beweging te brengen. Forum voor Democratie laat daarvoor een eerste aanzet zien op rechts met een democratischer gezindheid (referendum) dan waarover Oud Rechts en Oud Links beschikken. Die laatste is meer een liefhebber van cultureel-linkse ngo’s, die niet zoveel ophebben met democratie. Het one man, one vote is op links vervangen door one donateur, one vote en de miljardair Soros, die vindt dat je politieke invloed moet kunnen kópen, is op een voetstuk gezet.

Maar Nieuw Rechts is een kopie van Oud Rechts als het om sociaaleconomische onderwerpen gaat. Wilders liet daags na verkiezingen de eis vallen om de AOW-leeftijd op 65 te houden en klampt zich bovendien hartstochtelijk vast aan de hypotheekrenteaftrek, waar de armste helft van Nederland niets aan heeft en die elk jaar meer dan 10 miljard euro kost; zonder dat daarmee een probleem wordt opgelost: subsidie op bakstenen zorgt alleen maar voor te hoge huizenprijzen.


Het politieke landschap weergegeven aan de hand van een sociaaleconomische en een culturele as.


Sociaaleconomisch rechts wordt volop bediend in Nederland en sociaaleconomisch links gaat enkel gepaard met cultureel links. Het huidige links loopt niet meer warm voor sociaaleconomische onderwerpen, zodra het deel uitmaakt van de regering. Het zijn vooral culturele partijen geworden: immigratie, milieu, EU en identiteitspolitiek zijn nu een paar van hun favoriete onderwerpen.

Wat opvalt is dat het derde kwadrant (in de meetkunde telt men vanaf rechtsboven en tegen de klok in) momenteel leeg is: dat deel van het electoraat komt nog niet aan bod in het partijlandschap (in de afbeelding is daar ter illustratie de niet-bestaande partij ML (Modern Links) gepositioneerd). Die kiezers stemden vroeger PvdA maar deze partij heeft twee lijnen in het assenstelsel overschreden door op te schuiven van links naar rechts op de sociaaleconomische as en van rechts naar links op de culturele.

Dat laatste vond plaats omdat links zich na de jaren 70 het (oorspronkelijk rechtse) thema van immigratie heeft eigengemaakt. Een tegengestelde beweging ontstond doordat Nieuw Rechts (PVV en FvD) het linkse referendum-onderwerp heeft omarmd. Massa-immigratie is ideologisch veranderd van een rechts in een links issue, het referendum was eerst links en wordt nu door rechtse partijen bepleit.

VVD en CDA zijn beide van kwadrant IV naar kwadrant I verhuisd (op het gebied van klimaat, immigratie en EU), waardoor daar ruimte ontstond voor PVV en FvD.

Sociaaleconomisch staat Forum rechts van de VVD. Het FvD wil geen volkspartij worden, met een linkervleugel. Het zit niet in het DNA van die partij om zich druk te maken over onderwerpen als armoede en de woningnood in de sociale huursector. Sterker nog, die laatste is ze bereid te vergroten. Ook bij de stemming over jonggehandicaptenwetgeving bleek Baudet (net als Van der Staaij) nog rechtser te zijn dan de VVD.

Opmerkelijk is dat de culturele verlinksing en sociaaleconomische verrechtsing van Nederland nog niet tot partijvernieuwing op links heeft geleid. Nieuwe Wegen heeft er een poging toe ondernomen, maar die sloeg niet aan bij de kiezers – Jacques Monasch leek vooral middenstanders om zich heen verzameld te hebben.

Het motorblok in de politiek (het eerste kwadrant) is oppermachtig en maakt de dienst uit op het Binnenhof. De SP mag niet meedoen (is sociaaleconomisch te links) en GroenLinks zal, zodra ze wel wordt toegelaten tot het hart van bestuurlijk Nederland, sociaaleconomisch naar rechts opschuiven en een kabinet nooit laten vallen op thema’s die van belang zijn voor de onderkant van het inkomensgebouw.

GroenLinks is naar internationale maatstaven gemeten uiterst links, terwijl PVV en FvD, vergeleken met buitenlandse partijen, niet in de categorie ‘extreem’ vallen. Maar ondanks de grote rechtse meerderheid in de Kamer op sociaaleconomisch terrein, valt Nieuw Rechts toch buiten de regeringsboot, omdat immateriële overwegingen zwaarwegender zijn geworden dan geldzaken; niet de koopman maar de dominee deelt momenteel de lakens uit in Den Haag.

Rechtse columnisten leggen zich hier niet bij neer en blijven pleiten voor een coalitie van Nieuw Rechts met oud rechts. Maar daar ligt geen goede analyse aan ten grondslag. De christendemocraten (Van Agt en Lubbers) hebben de grenzen opengezet – met hen kun je de immigratie niet bestrijden – en VVD-kiezers zijn cultureel volgzamer en meegaander dan Nieuw Rechts wil geloven.

Het FvD zal de komende jaren niet in een kabinet terechtkomen want ze heeft daarvoor niet de juiste strategie. Baudet wil nog steeds graag met het establishment (het ‘partijkartel’)  samenwerken en is nog niet bereid om VVD en CDA los te laten en te opteren voor een anti-establishment-coalitie. Maar als Forum voor Democratie klimaat- en immigratiebeleid wil terugdringen, zal ze haar machtsbasis moeten vergroten. Salvini begreep in Italië dat hij over links moest regeren (overspeelde vervolgens wel zijn hand door een crisis te forceren), maar Baudet wil nog steeds enkel over rechts.

De conservatieven zouden niet slechts inhoudelijk aan de weg moeten timmeren maar zich ook bezig moeten houden met de machtsvraag; politiek is een combinatie van inhoud en strategie. Cultureel rechts kan geen invloed veroveren zonder de hulp van sociaaleconomisch links. Nieuw Rechts zou er verstandig aan doen het rechts-zijn minder te idealiseren en zich af te vragen hoe ze standpunten waarvoor een meerderheid bestaat in het land, in beleid omgezet kan krijgen. Dit is realiseerbaar door ideologie op het tweede plan te zetten en voor realistisch pragmatisme te gaan.



De stemmen op rechts kon Forum bij de Statenverkiezingen van 2019 zelf wel binnenhalen, voor draagvlak op links kan alleen een coalitiepartner zorgen.


Forum voor Democratie kan landelijk alleen doorbreken door een verbond te sluiten met een moderne linkse partij, die bereid is het geldverslindende migratie- en klimaatbeleid – waar mensen met lagere inkomens niets aan hebben – terug te dringen. In ruil voor steun aan materiële linkse thema’s als armoedebestrijding en volkshuisvesting. Ook als dat à contrecoeur is. Exclusief vasthouden aan de combinatie sociaaleconomisch rechts en cultureel rechts houdt enkel het huidige politieke isolement in stand.

Een minderheidscoalitie van Nieuw Rechts en Modern Links (het tijdperk van meerderheidskabinetten loopt op zijn eind) – bestaande uit deskundige vakministers, zoals Baudet het graag ziet – kan met voorstellen naar de Kamer komen die afwisselend door links (bij materiële onderwerpen) en rechts (als het om immaterieel beleid gaat) aan een meerderheid geholpen kunnen worden.

Daarmee wordt het grootste aantal tevreden kiezers gerealiseerd: zowel onvoldane linkse als rechtse burgers, die zich nu door het politieke establishment genegeerd voelen, worden dan bediend; en beide groepen zijn afzonderlijk niet in staat om politieke invloed te verwerven. Zo’n kabinet bestaat niet uit gelijkgezinden maar uit bewindslieden die door pragmatisch samen te werken voor een democratischer en leefbaarder Nederland kunnen zorgen.

De stemmen van burgers aan de onderkant van de samenleving – al gauw goed voor zo’n twintig Kamerzetels – gaat Forum voor Democratie zelf niet veroveren; zo deze kiezers de gang naar het stembureau al maken. Het is te hopen voor Nieuw Rechts dat er (jonge) mensen zullen opstaan die voor de politieke vernieuwing op links gaan zorgen (zoals de Vijfsterrenbeweging dat deed in Italië), door zo’n moderne linkse partij van de grond te tillen.

 

 


Dit artikel verscheen op 12 januari 2020 op ThePostOnline.

 

19 december 2019

Tien punten voor een moderne linkse partij

Het idee van Sonny Spek pak ik graag op en probeer te formuleren waar een nieuwe partij op links mijns inziens voor moet staan. Ik zeg met opzet ‘op links’, omdat daar de meeste politieke wezen rondlopen. Het gaat dan om de kiezers die weinig te winnen hebben bij globalisering en die evenmin voldoende bediend worden door de politieke vernieuwing die Nieuw Rechts voorstaat. Met die laatste groepering kan een moderne linkse partij overigens wel samenwerken (een cordon sanitaire is nou eenmaal ondemocratisch), want er zijn een aantal raakvlakken.

Maar om te beginnen de verschillen. De nieuwe linkse partij moet zo’n beetje in alles het tegendeel zijn van de VVD. Rechts heeft niets met de onderkant van de samenleving en een nieuwe linkse partij moet daar juist voor opkomen. Cultureel is de VVD een kopie van GroenLinks aan het worden, en ook die keuze helpt de politiek-daklozen niet verder.

De essentie van een linkse partij is het opkomen voor gewone mensen. Die basis is door modieus-links – zoals ik PvdA, D66 en GroenLinks aanduid – verlaten en men is voluit voor het idealisme gegaan. Over bijna alles heeft men wel een moralistische opvatting. Met als belangrijke consequentie dat gewone mensen er niets aan hebben.

Echt linkse politiek moet de weg terug afleggen: van idealisme naar belangenbehartiging. Het waren mannen uit één stuk als de vooroorlogse sociaaldemocratische wethouders van Amsterdam, die de prestaties leverden waar hun achterban op zat te wachten. Het geknoei van de PvdA op het terrein van de volkshuisvesting steekt schril af tegen de vooruitgang die de SDAP dankzij politici als Wibaut en De Miranda realiseerde als het ging om woningbouw. Het modieus-linkse Amsterdam heeft de sociale woningvoorraad elk jaar laten krimpen, met een verbijsterende woningnood als gevolg.

De opdracht voor links is om weer te gaan presteren: je mening is niet interessant, alleen wat er uit je handen komt. Met Samsom en Asscher zijn de prestaties van de sociaaldemocratie tot het nulpunt gedaald. En voor menige groepering, zoals mensen in de participatiewet, zelfs onder het vriespunt beland. Wat Joop Den Uyl opbouwde in de jaren 70, heeft de PvdA in Rutte II weer afgebroken. Gemakzuchtig links gaat enkel nog voor het fijne gevoel en heeft gewone mensen sociaaleconomisch weinig meer te bieden.

Modieus links wil deugen, echt links wil belangen behartigen. Gewone mensen zijn vaak niet hoog opgeleid, hebben meestal geen geweldige carrièreperspectieven, beschikken over weinig politieke invloed en willen gewoon een fatsoenlijk leven leiden, zonder financiële zorgen en zonder criminaliteit.

Zoals links al geruime tijd weigert voor behoorlijke sociale voorzieningen te zorgen, zo heeft rechts verzuimd law and order te onderhouden. De criminaliteit giert de pan uit, vergeleken met veertig jaar geleden. Justitie verkeert in een crisis, bewindslieden op het ministerie zijn alweer weg voordat ze goed en wel begonnen zijn, en de pakkans voor boeven is lachwekkend laag.

Zowel op links als op rechts is er groot onderhoud nodig. Dat betekent enerzijds bestrijding van woningnood en armoede, en anderzijds het terugbrengen van harmonie en stabiliteit in de samenleving.

Het is belangrijk voor een linkse partij om verantwoord en effectief om te gaan met het multiculturele drama dat in de jaren 80 in de steigers is gezet door CDA en VVD (met name premier Lubbers heeft hier leiding aan gegeven). Inmiddels is ook de PvdA kampioen massa-immigratie, maar dat vergde eerst een draai van 180 graden. Het linkse kabinet Den Uyl piekerde er niet over buitenlanders massaal naar ons land te halen, net zo min als Karl Marx een voorstander was van arbeidsmigratie.

Massa-immigratie is niet links, massa-immigratie is rechts. Modieus links is een antinationale koers gaan varen met desastreuze gevolgen voor de lagere klassen. De harmonieuze samenleving van de jaren 70 is veranderd in een segregerende maatschappij, zonder perspectief op verbetering.

Multiculti werkt niet en tast de sociale cohesie aan. Vooraanstaande sociaaldemocraten, waaronder de Duitse bondskanselier Helmut Schmidt, hebben daar in de jaren 80 al voor gewaarschuwd. Het is daarom nodig de multiculturele samenleving te ontvlechten om de culturele neuzen zoveel mogelijk weer dezelfde kant op te krijgen.

Ras, afkomst, geaardheid, geloof en geslacht zijn daarbij volstrekt irrelevant, de enige issue is cultuurverschillen. Moslims en christenen kunnen met elkaar door één deur in Nederland, hetero’s en homo’s staan elkaar niet naar het leven en mannen en vrouwen gunnen elkaar ook de ruimte. Het punt waarop het misgaat is dat grote aantallen mensen hier wel geïmmigreerd of geboren zijn, maar zich geen Nederlander voelen. Ook al staat die nationaliteit in hun paspoort.

Hier bestaat een groot geschilpunt met Nieuw Rechts. De nieuwe partij moet zich niet schuldig maken aan islam-bashing of moslim-pesten, maar tegenover de haatrelatie die links en rechts met elkaar hebben voor het pragmatisme kiezen.

Er zijn maar twee soorten burgers in Nederland: zij die wel en zij die geen Nederlands paspoort hebben. Nederland is een vrij land waar iedere staatsburger binnen de grenzen van de wet zijn eigen keuzes kan maken. Ook als het om religie gaat.

Ons westerse land kent twee fundamenten: de democratie en de rechtsstaat. De democratie vereist dat we de multiculturele samenleving gaan afbouwen, er is domweg geen meerderheid voor. Het beëindigen van het multiculturele drama moet gepaard gaan met het overeind houden van de rechtsstaat: ieders burgerrechten blijven onverkort gewaarborgd.d’

Het is niet de taak van moslims om de problematiek van segregatie op te lossen. Het voortdurend hameren op integratie, wat zowel links als rechts doet, is beledigend voor grote aantallen mensen en miskent dat ze niet verantwoordelijk zijn voor de integratieproblemen. Als je een miljoen Nederlanders in Marrakesh huisvest, gaat het daar ook fout. Nogmaals: de Nederlandse regering heeft multiculti op poten gezet. Turken en Marokkanen besloten niet zelfstandig om Nederland binnen te trekken, ze zijn uitgenodigd door de overheid. Sociale Zaken stuurde ambtenaren naar Marokko om arbeidskrachten te ronselen en Merkel nodigde de Syriërs uit.

De verantwoordelijkheid voor het afbouwen van de multiculturele samenleving ligt daarom uitsluitend bij de overheid. In plaats van individuele burgers te betuttelen en te schofferen, moet er migratiebeleid gevoerd worden: de regering dient de controle terug te krijgen op immigratie en emigratie.

Naast het verminderen van het eerste, kan het tweede gestimuleerd worden door kansen te scheppen voor mensen die wel oren hebben naar remigratie. Met een miljard euro aan subsidies per jaar kost het minder tijd om multiculti af te bouwen dan de opbouw ervan geduurd heeft. Na de oorlog heeft de regering 5 procent van de bevolking laten emigreren, vreedzaam en vrijwillig. Dat kunnen we nog een keer doen, alleen hebben we er nu veel meer tijd en financiële middelen voor beschikbaar.

Samenvattend kom ik zo tot de volgende hoofdpunten voor een programma van een moderne linkse partij:

-1 Structurele verbetering van de koopkracht aan de onderkant van de samenleving moet ervoor zorgen dat armoede weer verdwijnt uit Nederland.

-2 De woningnood wordt opgelost door tegen de klippen op te bouwen. Natuurgebieden zullen daarbij niet worden ontzien. Natuur wordt niet bedreigd door wonen maar door overbevolking. Particuliere huishoudens worden niet gedwongen afgesloten van aardgas.

-3 Migratiebeleid moet de druk op huisvesting en voorzieningen verminderen. Nederland stapt daarvoor uit Schengen. Remigranten worden financieel ruim ondersteund, zodat ze er niet op achteruit maar op vooruit gaan. Remigratie is vrijwillig.

-4 Er komt een bindend referendum. Klimaatbeleid zal daardoor waarschijnlijk sneuvelen aangezien de bereidheid bij de bevolking om voor de kosten ervan op te draaien grotendeels afwezig is.

-5 Besparingen op immigratie en klimaatbeleid financieren armoedebestrijding en volkshuisvesting grotendeels. Verder wordt de belasting op grote vermogens verhoogd en wordt de hypotheekrenteaftrek geleidelijk afgebouwd.

-6 De boete op ziek zijn wordt afgeschaft, er geldt geen eigen risico meer in de zorgverzekering.

-7 Nederland onderzoekt de mogelijkheden voor economische samenwerking buiten de EU en bereidt de invoering van een parallelle munt voor om de Unie uiteindelijk te kunnen verlaten. De partij is tegen een Europees leger, de Verenigde Staten zijn de hoeksteen van ons veiligheidsbeleid.

-8 Nederland zal VN-resoluties tegen Israël niet langer steunen wanneer de Tweede Kamer daar niet uitdrukkelijk om vraagt.

-9 Forse investeringen in opsporingscapaciteit moeten uitmonden in verhoging van de pakkans en toename van de veiligheid.

-10 De NOS wordt weer een omroep voor iedereen. Er komt een Commissaris voor de Neutraliteit die over een evenwichtige informatievoorziening gaat waken.

Voor inkomens- en woonbeleid kan steun gezocht worden bij de bestaande linkse partijen, voor herstel van het leefklimaat in Nederland kan met Nieuw Rechts samengewerkt worden.

 

Sonny Spek – Tien basisprincipes voor een (nieuwe) sociaal-conservatieve partij   (achter betaalmuur)


Dit artikel verscheen op 19 december 2019 op ThePostOnline.

 


28 april 2019

Klimaatopwarming, of toch niet?





Het was zaterdag een frisse Koningsdag. Is dat normaal, of hoort het eigenlijk warmer te zijn, eind april?

We zijn verwend met flink wat dagen met mooi weer deze maand, en we worden dagelijks bestookt met het klimaatalarmisme dat onze verwachtingen nog verder opschroeft. De lage temperatuur op Koningsdag viel daarom lelijk tegen.

Reden om de maximumtemperaturen op de verjaardagen van de koning eens te vergelijken met die van ruim een halve eeuw geleden, om te kijken of we enige klimaatopwarming kunnen ontdekken. En dan zien we iets interessants:

Dalende trend

Het blijkt dat er helemaal geen sprake is van een stijgende trend als je de hoogste temperaturen op (de datum van) Koningsdag in de afgelopen tien jaar in beeld brengt, maar juist van een dalende.




De blauwe lijn in de grafiek geeft van elk jaar de maximumtemperatuur weer op 27 april in De Bilt, de groene de lineaire trendlijn en de rode de hoogste temperatuur op de geboortedag van de koning: 15,0°C.

Als je niet kijkt naar een berekend temperatuurgemiddelde (wat trouwens een instrument van manipulatie kan zijn  met getallen is het namelijk net als met voedsel: zodra je het gaat bewerken daalt de kwaliteit ervan) maar simpel de frequentie meet van overschrijdingen van de maximumtemperatuur van 52 jaar geleden, blijkt er sprake te zijn van een perfect evenwicht: het was in de afgelopen tien jaar op (de huidige) Koningsdag vijf keer warmer en vijf keer minder warm dan op de geboortedag van koning Willem-Alexander in 1967.

Was de hoogste temperatuur dan misschien zo uitzonderlijk hoog, 52 jaar geleden, dat de maxima na 2009 er wel de helft van de tijd onder moesten zitten? Nee, dat is niet het geval. Sterker nog, de hoogste temperatuur op de dag dat Willem-Alexander geboren werd was 1,2 graad lager dan wat het KNMI normaal noemt. De maximumtemperaturen van het afgelopen decennium zaten negen (!) van de tien keer onder dat normale niveau.

Maxima op Koningsdag geen reden voor klimaatzorgen

Het minste wat je hiervan kunt zeggen is dat klimaatalarmisten dit in 2009 niet verwacht zullen hebben. Bij mij veroorzaakt dit temperatuurverloop in elk geval geen gevoel van onrust.

Ter vergelijking heb ik de maximumtemperaturen van de afgelopen tien jaar op mijn eigen verjaardag ook eens naast die op mijn geboortedag gelegd en de uitkomst was dezelfde: vijf keer was het in het afgelopen decennium warmer en vijf keer minder warm dan op de dag dat ik het levenslicht zag.

Wetenschap

Klimaatactivisten die in de ban zijn van de opwarming van de aarde vinden het vreselijk als hun zekerheden ter discussie gesteld worden en hameren graag op het belang van wetenschap, daarbij over het hoofd ziend dat computervoorspellingen per definitie niet aan dat criterium voldoen (alles wat je niet kunt meten en bewijzen is geen wetenschap maar eigenlijk een vorm van waarzeggerij).

Twijfel dient niet als een probleem gezien te worden, zoals het tv-programma Medialogica van de week suggereerde, maar als een noodzakelijk aspect van elke wetenschappelijke discussie. Kritisch denken ten behoeve van waarheidsvinding dient men juist aan te moedigen.

Wetenschappelijker dan tien jaar achter elkaar de temperatuur meten, wordt het niet. Zo kunt u zelf de vinger aan de pols van de opwarming houden.

Informatie

Het loont om op zoek te gaan naar klimaatgegevens en niet klakkeloos de hartstocht van het actiewezen te volgen. Zij zullen ons geen informatie presenteren die hun politieke belang (het klimaatnarratief) schaadt. Zo krijgen de kouderecords van de afgelopen winter in Amerika en het maar niet versnellen van de zeespiegelstijging voor onze kust niet de aandacht die ze verdienen.

Nederland heeft in de voorbije vijftig jaar enorm veel CO2 uitgestoten. Het is wonderlijk dat daarvan zowel in de temperatuurstatistieken van Koningsdag als in de waterstanden op de Noordzee geen spoor terug te vinden is.

Geen haast

Het klimaatprobleem is op korte termijn niet urgent en het doen van grote uitgaven is voorbarig en staat op gespannen voet met de democratie: het klimaatbeleid is er na de Kamerverkiezingen doorheen gejast.

De mentale staat van klimaatalarmisten is: laten we het zekere voor het onzekere nemen. Maar dat is niet nodig en wel heel duur en daarom irrationeel  de mens kan een bepaalde mate van onzekerheid heel goed aan.

Mijn klimaatverwachting voor Nederland de komende tien jaar: het zal op Koningsdag vijf keer warmer en vijf keer minder warm blijken te zijn dan vijftien graden. Ik zou nog maar even wachten met de aanschaf van die warmtepomp.

3 januari 2019

Teletekstverslaving



Ik kom er rond voor uit: ik heb een teletekstverslaving. Het begon heel sluipend. Eerst heb je het helemaal niet door. Dan begint je omgeving je erop te wijzen: die tv van jou staat wel erg vaak op teletekst, hè? Ik zette het toestel op een andere plaats neer in de woonkamer, zodat je het scherm vanaf de straat niet meer kon zien. Je probeert het te verbergen, want onbewust weet je dat er iets niet klopt.

Het is het eerste wat ik doe als ik 's ochtends opsta: dat ding aanzetten. Het is een dwang: je móét weten wat er gebeurd is. Als ik thuis ben: de hele dag door telkens even kijken of er weer wat nieuws op de 101 staat.

Volgens een psycholoog in RTL Nieuws zijn die pagina's zo geraffineerd gemaakt, dat je naar dat tv-scherm toegezogen wordt. Elke keer dat je een paginanummer kiest komt er een stofje vrij in je hersenen waarvan je een blij gevoel krijgt.

Als je ziet dat er verkiezingen gehouden zijn in Congo, dan wil je weten hoe dat is afgelopen, dus je toetst onwillekeurig die drie cijfers in. Ik heb helemaal niks met Congo, ik weet niet eens precies waar het ligt, maar de NOS heeft aldoor weer iets te melden over dat onbekende land, dus je blijft ermee bezig. Toen ben ik hulp gaan zoeken.

In onze therapiegroep Teletekst Anonymous herkennen mensen die dwangmatigheid, waardoor we elkaar goed kunnen helpen. Het zijn de echte hardcore-verslaafden die er anderen en zichzelf ontmoeten. Dat moet u letterlijk opvatten: ont-moeten, ons proberen te bevrijden van de jarenlange afhankelijkheid. Wat heet jaren: decennia! We waren er als de kippen bij in de jaren 80 toen de eerste toestellen met teletekst op de markt kwamen. We lagen in slaapzakken voor de deur van V&D om maar niet te laat te zijn. En we betaalden grof geld voor onze eerste teletekstkleurentelevisie: er ging maar zo meer dan duizend gulden over de toonbank.

De zorgverzekeraars vergoeden onze TA-bijeenkomsten niet. Ze rekenen erop dat de aandoening in de komende 25 jaar vanzelf uitsterft. Wij zijn allemaal 65-plussers bij ons in de praatgroep. Het is vooral een ouderenkwaal, jongeren zijn alleen in de weer met apps op hun smartphone. Die hebben wij niet eens. Helemaal geen tijd voor. Er staan honderden pagina's op teletekst en die moet je allemaal bijhouden. Stel je voor dat ergens iets nieuws staat en je weet het niet!

Ik zit inmiddels op mijn achtste tv. Omdat de tekst nu zo breed op het scherm staat, ziet het er nog verleidelijker uit. En wij zijn niet de enigen die ervoor vallen: in de wandelgangen van de Tweede Kamer zag ik hem ook hangen, krantenredacties zijn er massaal verslaafd aan.

Maar er is hoop. Verscheidene zenders hebben al geconcludeerd: dit kan zo niet langer met die verslavingsproblematiek. RTL en SBS hebben teletekst er resoluut afgegooid. Dat was moedig, want dat kost ze natuurlijk kijkers: je zapt veel makkelijker weg als je niet vastgehouden wordt door zo'n tekstpagina. Ook de Belgen en de Britten hielden het voor gezien.

Maar de Duitsers en de NOS gaan er stug mee door. Op enige steun van hun kant hoeven wij verslaafden voorlopig niet te rekenen. Het minste wat ze kunnen doen is ons een eigen pagina geven: 666 lijkt ons wel wat. Want het is echt een beest, dat teletekst, een verslavingsbeest.